dinsdag 16 augustus 2016

Great-grand uncle Maurice and the Olympic Games (1920)


The first Olympic Games to be held after the Great War were organized in Antwerp, Belgium in 1920. During those Olympic Games, also art competitions were organized in five different categories: architecture, literature, music, painting and sculpture. These art competitions did make part of the Olympic Games from 1912 to 1948. Great-grand uncle Maurice Van Bladel (using his writer's name Maurice Bladel) participated in the Olympic literature competition in 1920 and won a bronze medal for his poem "La louange des Dieux". Translated into English this means "The praise of the Gods". I have not yet been able to find a copy of this poem.
 
The winner of the Gold Medal was Italian poet Raniero Nicolai with his "Canzoni Olimpioniche" (Olympic songs), while the silver medalist was the British writer Sir Theodore Andrea Cook with "Olympic Games of Antwerp". In 1912, the "father" of the modern Olympics and founder of the International Olympic Committee, Pierre de Coubertin, actually also participated in the Olympic literature competition using psuedonyms Georges Hohrod and Martin Eschbach and he won the gold medal for his poem "Ode to Sport". I wonder if Pierre de Coubertin read the poem written by Maurice Bladel...
 

Maurice Bladel
 
 
De eerste Olympische Spelen die werden georganiseerd na de Grote Oorlog vonden plaats in Antwerpen, België in 1920. Tijdens deze Olympische Spelen, werden ook kunstwedstrijden georganiseerd in vijf verschillende categorieën: architectuur, literatuur, muziek, schilderkunst en beeldhouwkunst. Deze kunstcategorieën maakten deel uit van de Olympische Spelen van 1912 tot 1948. Overgrootnonkel Maurice Van Bladel nam deel (onder zijn schrijversnaam Maurice Bladel) in de Olympische literatuurwedstrijd in 1920 en won een bronzen medaille voor zijn gedicht "La louange des Dieux". Vertaald in het Nederlands "Prijs van de Goden". Ik heb nog geen kopie van dit gedicht kunnen vinden.
 
 
De winnaar van de gouden medaille was de Italiaanse dichter Raniero Nicolai met zijn "Canzoni Olimpioniche" (Olympische liederen), terwijl de zilveren medaillewinnaar de Britse schrijver Sir Theodore Andrea Cook was met "Olympic Games of Antwerp". In 1912 nam de "vader" van de moderne Olympische Spelen en de oprichter van het Internationaal Olympisch Comité, Pierre de Coubertin, ook deel aan de Olympische literatuurwedstrijd. Daarbij gebruikte hij de psuedoniemen Georges Hohrod en Martin Eschbach en hij won de gouden medaille voor zijn gedicht "Ode to Sport". Ik vraag me af of Pierre de Coubertin acht jaar later ook het gedicht van Maurice Bladel heeft gelezen...

zaterdag 16 juli 2016

Aunt Alice and Aunt Marieke in Nice and Monte Carlo (1924)

Alice and Marieke Brusten in Nice, France

Aunt Alice did sing in the Monte Carlo opera in Monaco, but she also did spend some time with one of her sisters, Aunt Marieke in the south of France. These pictures were taken in March 1924, during the interbellum, when they were together in Nice and in Monte Carlo...
 
Alice and Marieke Brusten in Monte Carlo, Monaco
 
Tante Alice zong in de opera van Monte Carlo in Monaco, maar ze bracht ook tijd door met één van haar zussen, tante Marieke, in het zuiden van Frankrijk. Deze foto's werden genomen in Maart 1924, tijdens het interbellum, wanneer ze samen in Nice en in Monte Carlo waren...


vrijdag 1 juli 2016

Priest Jozef Brusten

 
For a long time I wanted to dedicate an additional blog post to Priest Jozef Brusten. After all I have learned about him, I think it's safe to conclude that this was a righteous man who lived to help and serve others. His story is an emotional one to tell... 
 
Some additional pictures and information about Jozef can be found here.

 

While the previous post already mentioned the different prisoner camps to which Jozef was taken during WWII, I wanted to share some more background on the reasons of his arrest and the conditions he had to endure during his imprisonment...

The reason why Jozef had been arrested was because someone had informed the Gestapo that Jozef had helped a Jewish man to hide from the nazi's. After being kept for a while in the prison of Liège, Jozef was deported, together with eighteen other prisoners to Grob Strehlitz (now Strzelce Opolskie in Poland). There he had to conduct really hard labour like building barracks and working in the quarries while he was beaten on a daily basis by the guards who were often German prisoners also carrying an inmate number on their backs. The beatings were so severe that numerous prisoners were beaten to death on a daily basis.

The transport to the concentration camp Grob Rosen in 1944 happened by train. Of the aproximately one thousand men that were put on that train, eight hundred never returned home. When Grob Rosen was cleared, Jozef was transported again, this time with approximately four thousand other men, to the Nordhausen concentration camp in horrific circumstances. The transport took four days and none of the prisoners received anything to eat or drink. By the time the train arrived, about two thousand people had died...

In Nordhausen, many prisoners were executed by shooting them or by letting them starve to death. Nordhausen was deliberated by the 104th "Timberwolf" U.S. Infantry Division after Private John Galione had found a secret tunnel. Amongst the few surviving prisoners was Jozef, however, he only lived for two more years as he died on August 5, 1947. No doubt the horrors he had endured in the two years of his captivity had demanded too much of his health...



*
*      *
*



Reeds geruime tijd wou ik nog eens een blogbericht wijden aan Priester Jozef Brusten. Na alles wat ik van die man heb geleerd is het volgens mij correct om te stellen dat dit een oprechte man was die anderen wou helpen en dienen. Zijn verhaal is dan ook erg emotioneel...

Enkele bijkomende foto's van Jozef kunnen hier worden gevonden.


 

Terwijl het vorige bericht al melding maakte van de verschillende gevangenenkampen waar Jozef werd naartoe gebracht tijdens WOII, wou ik nu meer informatie delen betreffende de reden van zijn aanhouding en de omstandigheden waarin hij zich bevond gedurende zijn gevangenschap...

De reden waarom Jozef werd aangehouden was omdat iemand de Gestapo had ingelicht over het feit dat Jozef een Joodse man had helpen onderduiken voor de nazi's. Nadat hij een tijd in de gevangenis van Luik was vastgehouden, werd Jozef gedeporteerd samen met achttien medegevangenen naar Gross Strehlitz. Daar moest hij bijzonder zware arbeid verrichten zoals het bouwen van barakken en het werken in steengroeven, terwijl hij dagelijks werd geslagen door de bewakers die vaak zelf Duitse gevangenen waren met een gevangenennummer op hun rug. De slagen waren zo ernstig dat er dagelijks verscheidene gevangenen aan bezweken.

Het transport naar het concentratiekamp Gross Rosen in 1944 gebeurde per trein. Van de ongeveer duizend mannen die op die trein werden gezet, kwamen er achthonderd nooit meer terug.

Wanneer Gross Rosen werd ontruimd, werd Jozef in afschuwelijke omstandigheden opnieuw getransporteerd, deze keer met ongeveer vierduizend medegevangenen, naar het concentratiekamp in Nordhausen. Het transport duurde vier dagen zonder dat de gevangenen eten of drinken kregen. Bij aankomst waren er ongeveer tweeduizend gevangenen overleden...

In Nordhausen werden veel gevangenen geëxecuteerd met de kogel of omgebracht door ze te laten uithongeren. Nordhausen werd bevrijd door de 104ste "Timberwolf" infanteriedivisie van het Amerikaans leger, nadat een soldaat, John Galione, een geheime tunnel had ontdekt. Onder de weinig overlevende gevangenen bevond zich ook Priester Jozef. Hij leefde echter nog maar twee jaar vermits hij overleed op 5 augustus 1947. Ongetwijfeld hadden de onmenselijke omstandigheden die hij gedurende twee jaar had moeten doorstaan teveel van zijn gezondheid geëist...

woensdag 8 juni 2016

Nyza Bladel



Nyza Bladel as Salome
  
Although a lot of pictures and information about my great-grand aunt Alice Brusten have already been gathered and posted in this blog in 2009 and in 2014, I still have a new find every now and then, mostly relating to her career as an opera singer with stage name Nyza Bladel. This time I came across a picture I hadn't seen before in which she took the role of Salome...
 
A recently discovered fact about her personel life is that Alice married Maurice in occupied Belgium in August 1916. They knew each other for at least two years at that time, because in November 1914, during the turbulent first months of the Great War, Maurice placed an add in a newspaper to let Alice know that he had fled to Rotterdam in the Netherlands...
 
 
 
Ondanks het feit dat er al veel foto's en informatie betreffende mijn overgroottante Alice Brusten zijn verzameld en opgenomen in deze blog in 2009 en in 2014, kom ik af en toe toch nog nieuwe zaken tegen, vooral met betrekking tot haar carriere als opera zangeres onder haar artiestennaam Nyza Bladel. Deze keer heb ik een foto gevonden die ik nog niet eerder had gezien, waarop ze de rol van Salome vertolkte.
 
Een recent ontdekt feit over haar persoonlijk leven is dat Alice huwde met Maurice in bezet België in augustus 1916. Ze kenden mekaar toen al minstens twee jaar, vermits Maurice, tijdens de eerste chaotische maanden van de Grote Oorlog in november 1916, een advertentie plaatste in een krant om Alice te laten weten dat hij naar Rotterdam in Nederland was gevlucht...
 

dinsdag 19 april 2016

Tracking down Aunt Regina - Part 2 : Living in Massachusetts

Although I did dedicate a post to my great-grand aunt Regina Andreoli quite recently, I have been spending quite some time trying to find more information about her and her husband Angelo. Although it is easy to get side-tracked when zooming into details that might seem less relevant, you never know where you might find that piece of information that helps to bring history back to life...

I briefly mentioned before that, in 1930, Regina and Angelo were living in a house in Boston, close to the harbour. What I did not address was the fact that they didn't live in that house alone. The 1930 census record shows that there were actually two households living in this house, both of them paying rent. A 1996 deed relating to the same property shows that the building was erected at the end of the 19th century by local builder Daniel Beckler.

The picture of aunt Regina included below was not taken at their Boston residence, given the fact that the building in the back is a wooden house. My guess is that this picture was taken shortly after Regina and Angelo moved to Worcester. The car seems to be a Ford Model T which was hugely popular in those days.


The head of the second household living in their East 5th Street residence, was 24 year old Charles Contino. The 1930 census record further shows that also Charles' grandmother Rose and four younger siblings were living with him. The names of the younger brothers and sisters were William, Sadie, Julia and Louis. From an online obituary I learned that Julia Contino passed away in 2000.

There's no doubt in my mind that aunt Regina must have known the Contino family very well. Definitely noteworthy is the fact that William Contino, who was 18 in 1930, eventually became a Reverend. During World War II he joined the 87th Mountain Infantry Battalion of the United States Army where he was a first lieutenant and chaplain and was sent to serve in Italy. In March 1945, while he was working in a first aid station, a mine exploded, killing Rev. Contino and many others. "Willie" Contino was posthumously awarded a Purple Heart and his name is mentioned on a memorial at Arlington National Cemetery.... A picture of Rev. William Contino is shown below.

Turning next to the Worcester residence that Angelo was living in with his second wife Elizabeth in 1940, the 1940 census shows that again they were living together with another household in the same building. This time the head of the other Household was a 34 year old oil burner repair  man named Joseph Dame. Joseph was owner of the building and lived there with his wife, Alice V. Lang, and their, at that time, four daughters Janice, Joyce, Phyllis and Cynthia Dame. From further searches I learned that each of these daughters got married - so they all ended up with a married name:
- Janice Gruber
- Joyce Giaquinto
- Phyllis Moroney
- Cynthia Eaton

Apparently two more daughters were born after 1940: Jacqueline Lombard, who passed away in January 2016, and Karen Breen.

From online records of the Worcester Register of Deeds I was able to go back to a 1949 conveyance of the property from Josephine Hervieux to Joseph and Melvina Larochelle. The online records do not allow me to trace the ownership further back, so I'm not sure if Josephine Hervieux bought the house directly from Joseph and Alice Dame. Both Joseph and Alice passed away years after Angelo died. As far as I can tell, most of their children appear to be still alive today.

Most of all I'm wondering if, right after Angelo and Regina moved into Worcester, they already moved in with the Dame family, because that would mean that some of them might have known aunt Regina personally right before she died or might know of her cause of death...

Still a lot of question marks, but at least the story is becoming more complete!



*
*     *


Ondanks het feit dat ik niet zo lang geleden een artikel heb geschreven over mijn overgroottante Regina Andreoli, heb ik aardig wat tijd gespendeerd om meer informatie te vinden betreffende haarzelf en haar echtgenboot Angelo. Hoewel je vrij snel op een zijspoor kan belanden wanneer je inzoomt op details die minder relevant lijken, weet je nooit zeker vanuit welke hoek dat stukje informatie kan komen dat helpt om de geschiedenis echt tot leven te brengen...

Reeds kort vermelde ik dat Regina and Angelo in 1930 in een huis in Boston, dicht bij de haven woonden. Waar ik nog niet was op ingegaan was het feit dat zij niet alleen in dat huis woonden. Het bevolkingsregister van 1930 toont dat er in feite twee gezinnen in de woning woonden. Elk van deze gezinnen betaalde huur. Een akte van 1996 betreffende hetzelfde vastgoed toont dat het gebouw werd gebouwd op het einde van de 19de eeuw door een lokale bouwheer Daniel Beckler.

De foto van tante Regina die bovenaan wordt weergegeven werd niet genomen aan hun woning in Boston vermits het gebouw achteraan van hout is gemaakt. Ik veronderstel dat deze foto is getrokken kort nadat Regina en Angelo naar Worcester verhuisden. De auto lijkt wel een Ford Model T die immens populair was in die tijd.
  
Aan het hoofd van het tweede gezin dat de woning in East 5th Street bewoonde, stond de 24 jaar oude Charles Contino. Uit het bevolkingsregister van 1930 kan verder worden afgeleid dat tevens de grootmoeder van Charles, die Rose heette, en vier jongere broers en zussen bij hem woonden. De namen van de jongere broers en zussen waren: William, Sadie, Julia en Louis. Uit een online overlijdensbericht is gebleken dat Julia in 2000 overleed.

Ik twijfel er geenszins aan dat tante Regina de Contino familie erg goed kende. Zeker het vermelden waard is het feit dat William Contino, die 18 was in 1930, uiteindelijk priester werd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vervoegde hij het 87ste Mountain Infantry Battalion van het Amerikaanse leger waar hij eerste luitenant en aalmoezenier was en vervolgens naar het front in Italië werd gestuurd. In maart 1945, terwijl hij aan het werk was in een eerste hulp post, explodeerde er een mijn, ten gevolge waarvan William Contino en velen anderen overleden. "Willie" Contino werd postuum een Purple Heart toegekend en zijn naam wordt vermeld op een monument in Arlington National Cemetery.... Een foto van Rev. William Contino wordt hieronder weergegeven.

Rev. William Contino
Source: "In Memoriam - The English High School"


Ook wat betreft de woning in Worcester waar Angelo met zijn tweede vrouw Elizabeth woonde in 1940, blijkt dat er een tweede gezin in dezelfde woning woonde. Deze keer was het hoofd van het tweede gezin een 34-jarige hersteller van oliebranders, Joseph Dame genaamd. Joseph was de eigenaar van de woning en woonde er met zijn vrouw, Alice V. Lang, en hun, op dat ogenblik, vier dochters Janice, Joyce, Phyllis en Cynthia Dame. Uit verdere opzoekingen is gebleken dat al deze dochters huwden en de naam van hun echtgenoten gebruikten:
- Janice Gruber
- Joyce Giaquinto
- Phyllis Moroney
- Cynthia Eaton

Blijkbaar werden er in het gezin na 1940 nog twee dochters geboren : Jacqueline Lombard die overleed in januari 2016 en Karen Breen.

Op basis van online akten uit de registers van Worcester kon ik de overdrachten van de eigendom terug traceren tot een verkoop in 1949 door Josephine Hervieux aan Joseph en Melvina Larochelle. De online akten laten me jammer genoeg niet toe om verder terug te gaan in de tijd, dus ik ben niet zeker of Josephine Hervieux het huis rechtstreeks van Joseph en Alice Dame heeft gekocht. Zowel Joseph als Alice overleden pas jaren nadat Angelo was gestorven. Voor zover ik dat kan achterhalen lijken verscheidene van de kinderen vandaag nog in leven te zijn.

Ik vraag me vooral af of, onmiddellijk nadat Angelo en Regina naar Worcester verhuisden, zij al introkken bij de Dame familie. Dat zou immers betekenen dat sommige van deze mensen tante Regina persoonlijk zouden hebben gekend net voor ze overleed of misschien weten ze wel de reden van haar vroegtijdig heengaan...

Nog steeds veel vraagtekens, maar tenminste wordt het verhaal zo weer wat completer!


zondag 17 april 2016

Sgt. Alphonse Brusten

Alphonse Brusten was born on Christmas day 1894 in Liège, Belgium. A copy of his birth certificate is shown below. His father, Edouard Brusten, who went to the city hall to have the birth registered, is simply listed as an employee, but the certificate does not shed any light on the employer. Alphonse was a brother of Henri Brusten who was mentioned in my previous blog post. The birth record of Alphonse shows that the family was living in Liège, in the Rue de l'Epargne no. 23 at that time.



On his twentieth birthday, Alphonse voluntarily joined the Belgian Army. This was in December 1914, meaning while the Great War was ongoing. Alphonse fought in army for the whole duration of the war and he survived. He received numerous medals, including a War Cross with two Palms, a Victory Medal, a '14-'18 Remembrance Medal and a Fire Cross. Part of the service records of Alphonse are shown below.

After the war, Alphonse married Maria Crahay. I do not know if the couple had any children. Alphonse died on March 25, 1938, also in Liège. He was 43 years old.

In his military file I found Alphonse's signature, shown here. I hope I'll come across a picture of Alphonse too some day...

 
Alphonse Brusten werd geboren op Kerstdag 1894 in Luik, België. Een kopie van zijn geboorteakte wordt hierboven weergegeven. Zijn vader, Edouard Brusten, die de aangifte van de geboorte deed, werd eenvoudig als 'werknemer' aangeduid, doch bevat geen details omtrent de werkgever. Alphonse was een broer van Henri Brusten die vermeld werd in mijn vorige blogbericht. De geboorteakte toont dat het gezin in Luik woonde in de Rue de l'Epargne nr. 23.

Op zijn twintigste verjaardag vervoegde Alphonse vrijwillig het Belgisch Leger. Dit was in december 1914, terwijl de Grote Oorlog aan de gang was. Alphonse vocht in het leger gedurende de ganse oorlog en overleefde. Hij ontving tal van medailles zoals een Oorlogskruis met twee Palmen, een Zegemedaille, een Herinneringsmedaille '14-'18 en een Vuurkruis. Een deel van het militair dossier van Alphonse wordt hieronder weergegeven.


Na de oorlog huwde Alphonse met Maria Crahay. Ik weet niet of ze kinderen hadden. Alphonse overleed op 25 maart 1938, eveneens in Luik. Hij was 43 jaar oud.

De handtekening van Alphonse vond ik eveneens in zijn militair dossier. Hopelijk kom ik ooit eens een foto van Alphonse zelf tegen...

maandag 28 maart 2016

Father and son - Henri and Charles Brusten

 
Deze keer een foto van twee familieleden afkomstig uit Luik, met name Henri Brusten (links), geboren in 1886, en zijn zoon Charles Brusten (rechts), geboren in 1912. Over hen weet ik nog niet veel af, behalve dan dat ze behoren tot dezelfde tak van de familie als Victor Brusten. De vader van Henri, Edouard Brusten, was namelijk een broer van de vader van Victor. Charles was officier van beroep en had een groot gezin. Hopelijk zal ik nog meer informatie vinden over deze kant van de familie...
 
This time a picture of two family members coming from the city of Liège. On the left is Henri Brusten who was born in 1886 and on the right is his son, Charles Brusten, born in 1912. I don't have a lot of information about them, apart from the fact that they belong to the same branch of the family as Victor Brusten. The father of Henri, Edouard Brusten, was a brother of the father of Victor. Charles was an officer in the army. He had quite a large family. Hopefully I will be able to find more information about this side of the family...